Subsidiariteitstoets

De Europese Commissie moet plannen voor wetgeving voorleggen aan de parlementen van de lidstaten. Als eenderde van alle parlementen uit de EU-landen vindt dat het onderwerp beter op nationaal, regionaal of lokaal niveau geregeld kan worden, moet de Europese commissie het voorstel opnieuw overwegen.

Deze procedure wordt de 'subsidiariteitstoets' genoemd. Hij geldt alleen voor terreinen waar de EU een 'gedeelde bevoegdheid' heeft met de lidstaten. Dat is overigens het geval bij de meeste werkterreinen van de Unie.

Maar voor gebieden waar de EU een 'exclusieve bevoegdheid' heeft geldt de subsidiariteitstoets niet. Dat is onder meer het geval voor:

het vrije verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal
de regels over mededinging
de douane-unie
delen van het gemeenschappelijk handelsbeleid
het monetair beleid voor de landen waar de euro is ingevoerd
het visserijbeleid

Over de subsidiariteitstoets zijn afspraken gemaakt in een apart protocol bij de Europese grondwet. De parlementen hebben zes weken de tijd om hun mening over een Europees wetsvoorstel te laten horen. In het Nederlandse parlement zijn al voorbereidingen getroffen om deze 'noodremprocedure' te organiseren. De Eerste Kamer en de Tweede Kamer hebben hiervoor een gezamenlijke commissie ingesteld.
meer informatie
- protocol over toepassing van het subsidiariteits- en het evenredigheidsbeginsel
- bevoegdheden van de Europese Unie (exclusief, gedeeld, ondersteunend)